‘Blauw is het nieuwe groen’, dacht ik toen ik negen jaar geleden de gemeenteraad van Amsterdam in ging. Ik trok dus de portefeuille water naar me toe, met de ambitie via die portefeuille veel te doen voor natuur en waterkwaliteit. Dat werd nogal een deceptie: de Amsterdamse gemeenteraad bleek in de commissie water vooral over de rondvaartmaffia te praten. Water zelf werd gezien als een technische en apolitieke taak die bij een uitvoeringsinstantie belegd was, en geen kansen bood om politiek te scoren. En als ik al wat probeerde op het thema water, dan bleek dat wat ik wilde onder de competentie van het waterschap te vallen: veenoxidatie en waterpeil, aquathermie en het terugwinnen van grondstoffen uit rioolslib. Nu heb ik me dan maar verkiesbaar gesteld voor het waterschap. Mijn inschatting is: daar is van alles te doen maar het is een ondergewaardeerde bestuurslaag. In de komende reeks artikelen verken ik of die aanname klopt en wat er dan te doen valt in het waterschap.
Oplettende volgers van het nieuws kunnen niet om de conclusie heen dat water steeds belangrijker wordt. In de zomer staan de kranten vol over droogte; Natuurmonumenten voert campagne op de beroerde waterkwaliteit in Nederland; veenoxidatie wordt eindelijk erkend als serieus probleem; de teloorgang van de biodiversiteit in bodem en water, mede door invasieve exoten als de Amerikaanse rivierkreeft, haalt het nieuws. En dan hebben we het nog niet over de onvermijdelijke zeespiegelstijging en de gevolgen daarvan.
Welke bestuurslaag wordt geacht oplossingen te verzorgen voor al deze problemen? De waterschappen, waar 15 maart weer verkiezingen voor zijn! Die verkiezingen, zou je denken, vindt iedereen dus belangrijker dan ooit. Maar is dat wel zo? Wat staat er nou echt op het spel op 15 maart?
Overlappende bevoegdheden
Waterschappen zijn een onbekende, onzichtbare bestuurslaag. Nog niet de helft van de Nederlanders weet wat een waterschap doet. Vaak hoor je wel dat mensen weten dat het het oudste democratische bestuursorgaan van Nederland is. De eerste waterschappen worden vermeld in de 13e eeuw. De historicus Johan Huizinga speculeerde: ‘De hydrografische structuur van het land had tot zekere hoogte een democratische structuur van de bevolking tot gevolg. Een waterland als dit kan niet zonder zelfbestuur in enge kring.’ Toch werden nog in 2011 in de Tweede Kamer moties ingediend met het voorstel de waterschappen maar op te heffen.
Gemeenten gaan over het riool, maar de waterschappen over de inhoud van dat riool
Extra probleem is dat veel van de taakgebieden overlappen met de bevoegdheden van gemeenten en provincies. Zo gaan gemeenten over het riool, maar de waterschappen over de inhoud van dat riool. In Amsterdam heeft dat er bijvoorbeeld toe geleid dat ooit besloten is de taken van waterschap en gemeente ten aanzien van water onder te brengen bij één stichting: Waternet. Recentelijk leidde het functioneren van die stichting tot veel ophef, waardoor deze maand besloten is Waternet ingrijpend te reorganiseren met als doel dat de waterschapstaken weer herkenbaar door het waterschap worden uitgevoerd en door het waterschapsbestuur worden gecontroleerd.
Groene coalities
En dan is er nog de democratische farce van de 'geborgde zetels’ in het waterschapsbestuur. Het bedrijfsleven en de agrarische industrie kunnen veel te veel invloed uitoefenen op de besluitvorming over bijvoorbeeld grondwaterpeil en het handhaven van regels tegen watervervuiling. Omdat drie zetels in het waterschapsbestuur zijn gereserveerd voor boeren, en drie voor bedrijven, was het tot nu toe zelfs in progressieve regio’s onmogelijk om coalities te vormen zonder VVD of CDA of boeren, en dus om echt duurzaam, groen beleid te maken. Vandaar dat onze waterkwaliteit, biodiversiteit en veengronden er zo beroerd aan toe zijn. Gelukkig heeft GroenLinks-Tweede Kamerlid Laura Bromet dat nu, samen met D66, aangepakt met een initiatiefwet. Na een spannende episode in de Eerste Kamer, waarbij de conservatieve partijen probeerden de invloed van bedrijven en boeren in stand te houden, is het aantal geborgde zetels beperkt tot twee voor boeren en twee voor natuurbeheerders. Laura moest nota bene via een spoeddebat afdwingen dat de minister deze wetswijziging nog op tijd zou publiceren voor de eerstvolgende verkiezingen. De weg ligt nu open om met een goed resultaat bij de waterschapsverkiezingen op 15 maart wél groene coalities te smeden.
GroenLinks moet actief campagne voeren voor Water Natuurlijk
Een goede verkiezingsuitslag is nog wel een uitdaging. Water Natuurlijk is de partij waarin GroenLinks samenwerkt met D66 en een aantal natuur- en milieuorganisaties. Helaas weet bijna niemand dat. Het gevolg is dat veel stemmers die GroenLinks niet aantreffen op het stembiljet dan maar op de Partij voor de Dieren stemmen, of op lokale partijen die zichzelf als groen afficheren. Het resultaat voor Water Natuurlijk is vaak slechter dan wat D66 en GroenLinks gezamenlijk halen bij gemeenteraads- of Statenverkiezingen. GroenLinks zou dat bij de komende verkiezingen moeten willen oplossen door expliciet achter Water Natuurlijk te gaan staan en daar ook actief campagne voor te voeren. Let wel: voor heel veel doelstellingen die GroenLinks heeft op het gebied van groen, natuur, bodem en waterkwaliteit is het waterschap een onontbeerlijke bestuurslaag, waar we dan ook mede aan het roer moeten willen staan.
Welke uitdagingen er precies liggen en hoe waterschappen daar, samen met Provinciale Staten en gemeenteraden, invloed op uitoefenen, zet ik uiteen in de volgende artikelen. Laat me nu dus volstaan met de oproep om in de aanloop naar 15 maart niet alleen campagne te voeren voor GroenLinks, maar óók voor Water Natuurlijk.